Upstreet & Flexpats: Foodtrends 2015

Bye bye jarenlange periode van verwarring en onzekerheid, gekenmerkt door extreme nostalgie en back to basics! Hello 2015, het begin van een nieuwe eettijd waarin traditie en hi-tech fuseren; net als high en low brow. En waarin we niet meer enkel navelstaarderig terugkijken, maar ook weer vooruit kijken. Weliswaar mét de hervonden bagage in onze rugzak. En heel veel flexibiliteit. Flexjaar 2015, de foodtrends.>>>>

Kom maar door, 2015, met die dumpling-ontbijttentjes! © Marjan Ippel

Kom maar door, 2015, met die dumpling-ontbijttentjes! © Marjan Ippel

1. Fine basic
Nu topchefs streetfood bakken, gaat de jonge koksgarde een treetje hoger. Voor hen die jaren in een hogedrukpan van hypotheek- en personeelslasten leefden, was back to basicst een bevrijding. Maar voor de nieuwe koksgeneratie geldt die beladen erfenis niet. Jim de Jong, BAK restaurant, Pascal Ariens, Jamie van Heije & co. koken met wilde of eigen teelt producten niet ruig simpel, maar verfijnd elegant. In een basic decor. Dat wel.

2. Upstreet
Met het boek Rotterdams straatvoer van Erik van Loo is streetfood definitief mainstream geworden. Elk dorp zijn eigen markthal, boerenmarkt en foodfestival met streetfood – van hummusbar/hummusiya tot rijdende rôtissoir en eiertruck. Daarom ontstaat ook juist daar op straat een verfijning met meer upmarket straatvarianten als de soft shell crabs in Le Big Fish (Foodhallen Amsterdam). Streetfood goes upstreet.

3. Servicesupers
De supermastodonten hebben het moeilijk. Formules als Marqt, Bilder & de Clerq en Stach zijn de nieuwe supermarktketens aan het worden. Ruimte voor nog nieuwere initiatieven waarin ‘blurring’ (vervagen) dé bedrijfsstijl is. De Nieuwe Supermarkt combineert flexibiliteit, high & low brow, prijs/kwaliteit, urban compactheid, foodeducatie, voedselproductie, horeca, entertainment, bibliotheek-, bezorg- en andere services onder en op één dak. Letterlijk.

4. Flexpats
Dankzij de toestroom aan expats die met de komst van Startup Special Envoy Neelie Smit Kroes alleen nog maar verder aanzwelt, veranderen onze eetgewoontes. We ontbijten ineens buiten de deur. En cocktails en oesters zijn eindelijk normaal. Tot nog toe domineerden vooral Amerikaanse en Britse expatgerechtjes (verwacht tater tots (aardappelkroketjes), chicken & waffles, fish & chips en bone broth (bouillon) in tal van variaties). In 2015 komt de homy kost uit alle startup-expathoeken. In ontelbare keuzevarianten. Na de jacket-potatobar volgen cider-, porridge-, insecten- en dumpling-ontbijtbars. Ook onze pannenkoek krijgt een remake (en een bar). En omdat vooral Amerikaanse en Britse expats hun nieuwe (tijdelijke) thuisstad puur zien als een commodity, eisen ze 24/7 überflexibele personalised high quality, in zowel keuzevrijheid als service. Thuis(bezorgd) en in de horeca.

5. Buutvrij
Na het succes van vleesvrij vlees, krijgen we nu gluten- en koolhydraatvrije kopieën van echte gerechten. Van paleobrood tot quinoadonuts. En niet alleen gerechten, ook winkels en horeca worden – à la de Vegetarische Slager – buutvrij. Denk: paleobakkers, koolhydraatvrije supermarkten en horeca: De nieuwe one-trick pony’s zijn buutvrij.

6. Urban wild
Urban boeren gaan de jarenlang door hen in het parkwild geplukte planten en granen ook professioneel telen voor consumptie, zowel voor de horeca als voor de thuiskok. Van brandnetel tot distel. Denk: urban wild bezorgkratten. Maar ook foodstalletjes met urban wild geteelde producten. En waarom niet een urban wild supermarkt?

7. Spotifood
Dankzij services als Spotify, AirBNB en Uber, die 24/7 klaar staan met het product zoals wij dat exact willen, gepersonaliseerd tot in het uiterste en met dat onbetaalbare peer-to-peer-feel, sijpelt die wens van ons ook door in andere servicegroepen. Zoals de horeca en de supermarkt. Wij klanten zijn weer koning(in) en wij willen net zoveel gepersonaliseerde keuzevrijheid, entertainment en service als bij Spotify c.s. Ubernormaal is.

8. Varyfoods
Elk type troostgerecht waar tientallen – zowel low als high brow – varianten op gemaakt kunnen worden, maakt kans op zijn eigen fifteen minutes of fame. Want eindeloos variëren op een thema staat voor gepersonaliseerde keuzevrijheid en dat is waar het om draait. Kom maar door: tater tots, dumplings, porridge (pap), latkes en cornflakes (serieus! Cornflakesbar Cereal Killer Cafe in Londen)…

9. High & Low
We’re every (wo)man. En anders zijn we wel a bitch, a lover, a child, a mother, a sinner ánd a saint. In willekeurige volgorde. Wat ik maar wil zeggen is: we zijn niet eenduidig. We kopen kleding bij Primark (sinner) en zweren bij duurzaam eten (saint). Of we fietsen duurzaam de stad door (saint), maar vliegen voortdurend de hele wereld over (sinner). We schamen ons niet voor de low brow cheap van de Action (child/sinner/bitch), maar kopen tegelijk dure high brow cosmetica van Dior of Chanel (mother/lover). Vandaag eten we een haute dog (child) van de foodtruck en morgen doen we zestien gangen bij de sterrenkok (lover). Tot nog toe beperkten zowel horeca als winkels zich voornamelijk tot één van beide groepen. Ze boden óf low, óf high brow, maar zelden beide tegelijk. Enige uitzondering: de hamburger of haute dog met champagne of G&T. Vanaf 2015 blurt het aanbod van high en low in concepten die de twee naadloos naast en door elkaar aanbieden. Die cheap lipstick van 1 euro én die schoenen van 1000. Die hamburger van zeven-vijftig én die gekweekte bluefin tonijn van het zoveelvoudige. It’s all in us.

 © Marjan Ippel, Talkin’ Food® 2014-2015

Lees ook: Eten in 2015? Wat dacht je van 2050?
En: Nouvel Foodlingo 2015