Foodlingo: Wokakkoord

Nederlandse beleidsmakers zijn net kleine kinderen. Langetermijndenken is hen evenzeer vreemd. Ze willen iets en ze willen het nu! Eerst doen, dan (heel misschien ooit nog eens) denken. Beter één snoepje nu dan straks drie.
En zo wordt het ene ad-hocakkoord na het andere gesloten en weer ontbonden. Zoals het wokakkoord.

Deze Shanghainezen hebben het op een wokakkoordje gegooid; © Marjan Ippel

Deze Shanghainezen hebben het op een wokakkoordje gegooid; © Marjan Ippel

Begin dit jaar waren de Chinese restaurateurs aan de beurt. De beleidsmakers zagen veel werkloze Nederlandse en veel ‘wokkende’ Chinese koks. En in de beste traditie van de lagere school was één plus één al snel twee: Chinese koks kregen van de ene dag op de andere geen werkvergunning meer en Nederkoks moesten gaan ‘wokken’. Hoe moeilijk kon dat zijn? Minister Asscher deed het immers zelf in het weekend ook weleens? Basically is wokken niet meer dan de wok onder een pakje kant-en-klare wokgroente houden, nietwaar?
Alsof de Chinese keuken enkel uit wokken bestaat. En alsof een ambacht met een traditie van duizenden en duizenden jaren zomaar door een willekeurige kok met een wok kan worden opgepakt.
Dat bleek dan ook niet het geval. Met als gevolg dat ruim honderd Chinese restaurants binnen een paar maanden hun roodgelakte deuren moesten sluiten. En daarom werd deze week de maatregel weer teruggedraaid via het zogenaamde wokakkoord.
Dergelijk ad-hocregeren heeft één voordeel: het levert mooi (food)lingo op.

© Marjan Ippel, Talkin’ Food® 2014